Het functioneringsgesprek     
     
  Een functioneringsgesprek is een open en gelijkwaardig gesprek tussen een leidinggevende en een medewerker. Het is een gesprek met tweerichtingsverkeer: zowel de leidinggevende als de medewerker dragen gesprekspunten aan. Het gesprek gaat over het functioneren van de medewerker. Wat gaat er goed, wat kan beter. Ook de samenwerking met de leidinggevende komt aan de orde.

Het functioneringsgesprek is geen beoordelingsgesprek, maar het lijkt er wel op. Het belangrijke verschil is: bij een beoordelingsgesprek gaat het om eenrichtingsverkeer. De leidinggevende geeft een beoordeling over het functioneren van de werknemer.

De voorbereiding:
Stel een lijst met punten op die je wilt bespreken. De leidinggevende maakt een eigen lijst met gesprekspunten. Stuur elkaar ongeveer een week van te voren de lijst met gesprekspunten toe. Beide partijen kunnen zich nu op het gesprek voorbereiden en nadenken over eventuele verbetermogelijkheden.
Zorg ervoor dat de lijst met gesprekspunten niet als een totale verrassing komt. Als het goed is, heb je eventuele knelpunten tussentijds al aan de orde gebracht. Wacht niet onnodig lang tot het functioneringsgesprek.

Het gesprek:
Neem de overlegpunten door en stel vast hoe lang het gesprek duurt. Gebruik de afspraken van het vorige functioneringsgesprek als startpunt. Zijn de afspraken nagekomen? Als dat niet het geval is: bespreek hoe dat komt. Bespreek de punten die op de lijstjes staan. Ga in op kritiek zonder je meteen te verdedigen en zoek samen naar oplossingen. Maak ten slotte heldere afspraken, en leg die schriftelijk vast.

Afronding:
Beide partijen zetten hun handtekening onder het verslag met afspraken en dit wordt toegevoegd aan het personeelsdossier. Het is belangrijk dat beide partijen de afspraken ook echt nakomen, anders verliest het functioneringsgesprek zijn waarde.